Voor wie hier nog leest: ik heb weer een nieuwe website. Deze keer professioneel. Neem een kijkje op www.elinde.be
Nieuw platform
Onlangs ontdekte ik een nieuw interactief platform, dat veel minder ingewikkeld is dan WordPress. Hier is de link naar mijn eerste schrijfseltje. Ik weet nog niet of ik op beide plaatsen ga blijven bloggen of dat Substack iets nieuws & anders wordt, de tijd zal het uitwijzen.
Klik gewoon op “continue reading” als de popup komt en misschien zie ik je daar (ook)?
Edit juni 2024: ja, 10 jaar en 100 blogposts, dat is een mooi afgerond geheel. Klik maar op de link hierboven om mij verder te volgen! Er is daar ook een knop onderaan elk schrijfsel om m’n nieuwe posts in je mailbox te krijgen maar ik ben net niet technisch genoeg om die hier ook te zetten 🙂
De duurzamere badkamer en reiskoffer
Voor wie het niet kan laten om ver te reizen, maar ook voor wie zoals ik een weekendje aan de eigen kust al genoeg gedoe vindt, lees hier enkele tips om duurzamer op vakantie te gaan: klik.
Een heerlijke minerale zonnecrème is bijvoorbeeld deze. In dezelfde (web)shop koop ik ook al een tijdje een fantastische shampoo bar op basis van tulsi. Weg irritatie, roos en vettigheid die klassieke shampoos “voor gevoelige hoofdhuid” me bezorgden. Het is al een jaar of vier geleden dat ik van vloeibare naar vaste shampoo overschakelde, en pas sinds een jaartje heb ik eindelijk door hoe je sneller schuim krijgt (beter laat dan nooit zeggen ze): maak je haar nat, hou de zeepblok eventjes onder de douche, hou hem vast terwijl je er zachtjes mee over je haar wrijft. In geval van een flinke haardos begin je het alvast te wassen met de andere hand terwijl je met de blok blijft wrijven. Leg je haar ook eens in een andere richting en zeep ook onderaan, links, rechts van de haargrens even in. Als er genoeg schuim is (dat duurt niet zo lang), kun je de blok weg leggen en dat inmasseren. Laat het niet te lang inwerken want dan is het moeilijker om het uit te spoelen. De blok laat je goed opdrogen, ik heb heerlijke kleine kommetjes gevonden in de Kringwinkel die ideaal zijn omdat er lucht onderdoor kan.

Ook voor de zeepblok naast de wastafel trouwens, daarvoor raad ik aan om iets te kopen van een kruidenmadam of -meneer op een marktje, of in een biowinkel, want in de klassieke zeepblok met nepmeiklokjesgeur zit blijkbaar ook een hoop rotzooi.
En ik neem nog een waardevolle tip ter harte: smeer enkel op je lichaam wat je ook kunt eten, zo vermijd je een hoop toxische troep in bloedbaan, vetweefsel en organen. Meer weten kan met de Yuka app, waarmee je de barcode van producten kunt scannen. De app vertaalt de ingrediëntenlijst dan door ze een score te geven, waaraan je meteen kunt zien of iets goed voor je is of niet. Soms heeft hij het mis (zoals bij de minerale zonnecrème) maar goed, ’t is een goede leidraad.
Bij de sympathieke Laura van Three By One kun je topkwaliteit kokosproducten kopen, zowel voor lichaamsverzorging, als huisraad en voeding (oh, die toasted coconut butter!). Fairtrade, dierenleedvrij en biologisch zijn maar enkele troeven.
Reblog: Please stop saying my generation will save the world
Een deugddoende nieuwsbrief, Gen Dread, vertelde onlangs het verhaal van een jonge meid. Haar generatie voelt nogal wat gewicht op haar schouders ivm de klimaatcrisis. Klik hier om te lezen en laat je inspireren.
Reblog: alles gaat veranderen
Vele medebloggers kijken sceptisch (of net als ik angstig) naar de robotisering van onze samenleving. Dit artikel werpt een positieve kijk erop en geeft tips voor toekomstbestendigheid, iets dat ik graag met jullie deel.
Ook het boek Hoop van Steven Vromman kan trouwens helpen om om te leren gaan met de veranderingen die op ons af komen.
De slimme telefoon (3)
Blijkbaar doe ik gemiddeld 5 jaar met een slimmerd. Dat is iets korter dan met een “legoblokske” maar de gemiddelde mond valt open wanneer ik vertel dat dit mijn vijfde telefoon ooit is. Na een jaar of anderhalf een reset naar fabrieksherstellingen doen, helpt om het leventje weer wat te rekken. Alle apps worden namelijk zwaarder door die massa updates, patches, cache en dergelijke. Maar op den duur staat er meer dan 7 gig aan systeemapps op (van de 8) en moet je dus steeds selectiever zijn: gooi ik de muziekspeler eraf, een bank of De Lijn? Wanneer ik zijn internet aanzette, duurde het 5 minuten eer hij daarvan bekomen was, de e-mails had binnengehaald en ik iets kon opzoeken.
Herinnert u zich de inbelmodem nog? Ploinkploinkwiiieeeeeuuuwwwwprsfffffffschhhhhh… We zijn verwende rotkinderen.
Reblog: Wat zijn de belangrijkste bloemen voor bijen?
Zoek het vooral niet te ver en klik hier voor een verhelderend artikel over hoe we wilde bijen het beste kunnen helpen.
Nog schilderen
Jezelf kwali-tijd gunnen, ik blijf het een hele uitdaging vinden. Er moet zoveel. Aldoor komen die moetjes aankloppen, zelfs tijdens het werk terwijl je ze aan het oplossen bent, houden ze hun bek niet. Want dit trekt visueel op niks, zou je die komma niet daar zetten om het risico op misverstanden helemaal uit te sluiten of toch maar gewoon bellen nee het is middag en zwart op wit is beter, dadelijk eerst dat nog even doen en daarna mag je een tas thee als je braaf bent. Of zoiets. Geen wonder dat ik mezelf soms saboteer met uitstel- of vluchtgedrag, maar probeer eens een artikel te lezen terwijl het zeurt: “bel nu eindelijk eens voor die afspraak” of “zou je niet beter boodschappen gaan doen?”…
Lees verderReblog: schilderen
Is het done of niet om jezelf te rebloggen, wie zal het zeggen? Ik deel graag een schilderijtje van me en bijbehorende beschouwingen op het gloednieuwe Zinbrengers platform. Klik hier
Tuin jaar 1
Onvoorbereid liep ik een medeblogger zijn (terecht) mistroostige nieuwjaarsoverpeinzingen tegen het lijf. Kris beschrijft treffend hoe gek de wereld vandaag nu echt is, en Steven kan er (terecht) ook hoe langer hoe minder om lachen. Een van het tiental boeken dat ik momenteel poog te lezen, steeds weer afgeleid, is ‘Tuinieren voor de geest‘ van Sue Stuart-Smith. Zij heeft het over de heilzame werking van in de aarde wroeten, snoeien, zaaien of gewoon alles bekijken wat er groeit en rondloopt/kruipt/vliegt. Het lijkt me zinniger om tuingewijs een terugblik op 2022 te werpen dan dat ik een echo produceer van wat voornoemde heren reeds gezegd hebben.
Gelukkig nieuwjaar, als dat nog mag in de tweede helft van januari?
Bewoners in de tuin:
Present voor het winterontbijt van vetbol, oud brood en klokhuis:
– een tiental mussen
– een paartje merels
– een paartje koolmezen
– een paartje pimpelmezen
– een zootje ongeregeld van houtduiven, Turkse tortels en stoutmoedige kauwen
Massaal aanwezig als je een bloempot verzet of een kuiltje graaft:
– duizendpoten
– oorwurmen (echt belachelijk veel)
– slakken allerhande
Oh en spinnen! Op gegeven moment zag ik iets raars bij het compostvat, een geel bolletje. Het bleek een kluwen kruisspinkindertjes te zijn. Omdat er amper wind was toen, zijn er heel veel hier in het huizenblok gebleven. Ook zag ik enkele kameleonspinnen, veel hooiwagens en nog van alles (op deze link kun je meer te weten komen over soorten tuinspinnen en ik leerde er zonet ook dat mijn duizendpoten miljoenpoten zijn die Grote platrug heten).
Door de lange verwaarlozing is er een ecologisch evenwicht in de tuin.
Met een bang hartje heb ik de invasie van allerlei soorten bladluis op het frisse lentegroen van de boerenjasmijn en de rozen geobserveerd om daarachter te komen. Het was geen zicht, vaak was een twijgtop zodanig bedekt met zuigers dat hij zwart zag. Dan moet je heel hard op je tanden bijten en wachten in de plaats van te beginnen rotzooien met vergif of allerlei Tante Kaat-middeltjes. Want net op het punt dat je denkt dat de struik eraan is voor de moeite, zie je ze verschijnen: lieveheersbeestjes en hun kroost. Gaasvliegen. Ook de oorwormen lusten graag bladluizen. Wist je dat mama oorworm haar baby’tjes verdedigt, voedt en schoon houdt? Dat doen niet veel insecten. (info opzoeken helpt als je een dier niet zo heel leuk vindt om overal te zien rondlopen). Op een week of drie was de luizenplaag opgelost en konden we net op tijd genieten van de bedwelmende jasmijnbloesems.
Lees verderHet Volksfeest
“Waarover gaat het nieuwe boek van je man?” is een vraag die moeilijk te beantwoorden is zonder driekwart van de plot weg te geven. Dus hier zijn alvast de cover en de achterflap:

Raf Steenbergh is terug in zijn geboortedorp, waar hij al twintig jaar geen voet meer heeft gezet. Destijds had hij een hele goede reden om er nooit meer te komen. Nu, tijdens de jaarlijkse dorpsfeesten, hebben de inwoners slechts een vraag: wat komt Raf hier doen?
Het Volksfeest speelt zich af in een denkbeeldig maar zo herkenbaar Vlaams dorp. De tijd lijkt er stil te staan maar het leven gaat er ongenadig voort. Schaerhoven vormt het decor voor een brutaal verhaal, doorspekt met spanning, nostalgie en humor.
Dit boek is eigenlijk voor Serges Nederlandstalig debuut ‘Niet Weerhouden’ geschreven. In dit blogbericht van de schrijver zelf leer je daar alles over. Alsof boek 2 voorrang eiste op boek 1. Hij heeft geluisterd. ‘Niet Weerhouden’ is een betrekkelijk succes geworden, meer dan 100 exemplaren vonden een lezer. (er zijn er nog steeds te koop en het is hilarisch).

“Waarom geen uitgever?” vroeg Ernst Löw aan Serge tijdens een bloedstollend interview in Lier vorige week. “Omdat ik het altijd alleen heb gedaan,” was het antwoord: “mijn muziek, mijn games, mijn boeken.” Dat weerspiegelt zich ook wel in de hoofdpersonages van zijn romans. Einzelgängers met humor die hun eigen weg gevonden hebben in het leven en een doorzettingsvermogen hebben om mijnheer tegen te zeggen.
Dus waag eens een sprong in het onbekende, steun eens een lokale doe-het-zelvende creatieve ondernemer, leg eens iets origineels onder de kerstboom… wie weet wat die eerste drukken over een jaar of twintig waard gaan zijn?! 😀 Kan via de webshop, bij uw Standaard Boekhandel of door Serge of mij een berichtje/e-mail te sturen. Kunnen we samen een tas koffie gaan drinken ipv het te versturen als je wil.
Alvast bedankt!
Reacties:
“Ik wil Raf spelen in de verfilming.”
“Voor mij is dit hèt boek van het jaar. Nostalgie, humor, agressie. Zalig!”
“Raf is een held!”
“Boek is te kort. Op anderhalve dag uitgelezen.”
Fatsia Japonica
Ook al is het een exoot, de Vingerplant (Fatsia Japonica) raad ik van harte aan als je nog een behoorlijk grote plek over hebt in de tuin. Ooit hield ik hem als kamerplant, wat een jaar of drie goed ging tot hij opeens het loodje legde. Allicht had ik hem een grotere pot moeten gunnen, want het is een serieuze kerel. Zijn Nederlandstalige naam heeft hij gekregen omdat zijn groenblijvend blad de vorm heeft van een hand.
Eigenlijk is hij als buitenplant een pak interessanter.
Ten eerste blijft hij groen zodat je in de winter ook nog iets hebt om naar te kijken. Hij groeit zo weelderig dat hij dienst kan doen als visuele privacyleverancier, zoals ons exemplaar. Omdat hier in geen jaren iemand met (relatief) groene vingers heeft gewoond, heb ik hem vorig jaar nogal stevig teruggesnoeid zodat er nu van boven tot onder weer wat te beleven valt in de plaats van een overvolle kruin op lange, kale, scheve takken. Hij schiet namelijk snel en vlijtig weer uit vlak onder waar je hem hebt afgesnoeid.
Ten tweede en vooral: hij geeft als laatste heel, héél veel nectar en stuifmeel aan alle zoemerds die nog niet in winterslaap zijn. Vanmiddag was er nog een atalanta (we verschieten nergens meer van) en ik heb al veel hommelkoninginnen gespot. Van vlieg over zweefvlieg, wesp tot honing- of wilde bij, het is een oorverdovend gezoem wanneer je met je hoofd midden in de struik staat om er wingerd vantussen te pulken (of zomaar). Heerlijk. De bloemen geuren dag en nacht bedwelmend naar honing en omdat ze met zo veel zijn, heb je een eye-catcher van jewelste. In september zie je onschuldige knoppen die in oktober een groeispurt krijgen en nu is ’t vollenbak, elke bloeiwijze is gemakkelijk een halve meter lang en 30 cm doorsnede. Hij bloeit ook nog eens veel langer dan de twee weken die je van de gemiddelde plant krijgt. Zoals je op de foto hieronder kunt zien, is het familie van de klimop (Hedera). Fatsia en Hedera zijn te kruisen tot Fatshedera, een kamerplant die ik maar een jaar of twee heb kunnen houden (ik ben niet zo goed in fragielere soorten).
Standplaats: liefst halfschaduw maar kan zijn plan trekken in de volledige schaduw en desnoods in volle zon (daar zullen tijdens hittegolven wel wat bladeren verbranden maar volgend jaar krijg je er nieuwe). Grondsoort: speelt weinig rol. Water geven: zou ik alleen in jaar 1 doen tot aan de eerste winter. Het gelende of bruin geworden blad onderaan elke scheut kun je verwijderen en composteert heel traag vanwege zijn grootte en dikte, ideaal voor mulchlaag dus. Er wordt beweerd dat Fatsia niet winterhard is maar de plant in onze tuin staat er al 25 jaar en heeft dus ook die -15° winter meegemaakt zonder dramatische gevolgen. Stekken: zoals hij zich in een handomdraai herpakt na snoei denk ik dat hij snel vertrokken is als houtstek in de late lente (dus niet in water zetten om wortel te laten krijgen maar meteen in een potje met grond die je licht vochtig houdt).
Doen dus!

Herfstgedachte
“Het licht in de herfst is van goud,” las ik ooit.
De kleurcontrasten vind ik adembenemend. De zon die op een loofboom schijnt tegen de donkergrijze, bijna paarse achtergrond van een dreigende bui. Een blad dat geel en rood opvlamt in de regen. Een eenzame zwart-wit gestippelde pony in het nog groene gras. Ik klak met mijn tong om hem te laten weten dat er desgewenst aandacht te rapen valt. Verbaasd kijkt hij op en sjokt naar me toe. “Wie, ikke?” lijkt hij te vragen. Ik mag zijn snuit aaien, zijn lippen kussen lebberend mijn hand. Zijn manen zijn harder en steviger dan je zou verwachten. Misschien daarom dat we er penselen van maken.
Weet je van welke woord ik gruw? “Ecosysteemdiensten.” Alles, maar dan ook werkelijk alles, is economie moeten worden. Dat er bijvoorbeeld bijen stuifmeel en nectar verzamelen voor hun kinders en om de komende winter door te komen, is voor de mens een standaard zakencontract: wij pakken het gratis af en zij moeten tien keer productiever worden om een fractie te houden. Da’s toch normaal, nietwaar? We doen het elkaar immers ook aan, al eeuwenlang. Aziatische hoornaars patrouilleren boven de ingang van de korf en anders zijn er wel virussen, bacteriën of pesticiden als het tot bijenvolkje niet zelf durft uit te sterven uit stil protest tegen de gang van zaken.
Zondag was er luider protest van het mensenvolkje in Brussel. Moest mijn achillespees het niet zo uithangen, was ik waarschijnlijk ook gegaan. Ik herinner me hoeveel deugd het deed om samen met gelijkgezinden uit het hele land – net als bij de matchen van de Rode Duivels zijn we dan weer eventjes allemaal Belg (mijn man schreef daar een fantastische liedjestekst over maar die heeft zijn site niet gehaald, denk ik) – anyway jong, ouder, kleurig, ros, gay, vol piercings, seutig, sportief of rolstoel, iedereen welkom. Dat alleen al is in deze tijden overheerlijk om mee te mogen maken. “Joke Schauvliege, stopt meej liege!” gilden toen enkele meisjes vlakbij het station waardoor de sfeer er onmiddellijk in zat. Moed dat ik toen gekregen heb, puur door te voelen dat je niet alleen bent met je bekommernissen. Omdat er geen incidenten waren, rapporteerde het nieuws nogal droog dat er 25- à 30.000 mensen waren en wat de reden was voor de klimaatmars. Ik zou eens wat beelden kunnen opzoeken want een extra hoopje hoop is altijd welkom om nieuwe energie op te doen.
Over voedselverspilling
Ik lees bijna niet meer op het klassieke nieuws van de vrt of de online krant. De helft van de artikels dient om ons boos te maken, en de andere helft angstig. Daar kan ik niet meer mee om, en ik hoor van heel veel mensen dat ze afgehaakt zijn. Ik wil wel op de hoogte blijven van wat er gebeurt in de wereld, maar het is gewoon veel te veel en veel te afschuwelijk. Media vinden dat er om de tien minuten een nieuw artikel moet worden gegenereerd en de waarde van dat artikel (en de taalfouten) kijkt niemand nog na. Nieuws kijken doe ik al niet meer van sinds ik alleen ging wonen, ik vond het nooit de moeite om een tv-aansluiting te nemen.
Ik heb me in de loop der jaren laten overstelpen door nieuwsbrieven. Het is werken om mijn mailbox onder de 20 ongelezen te houden en af en toe doe ik met spijt in het hart een afmeldrondje. De artikels van middenveldorganisaties, ethische banken, alternatieve media, coöperaties en dergelijke zijn meestal wel nog vakwerk maar die allemaal gelezen krijgen is ook onbegonnen werk. Zelfs de fysieke blaadjes schieten er hoe langer hoe meer bij in. Heel af en toe klik ik eens door, goed beseffende dat ik steeds dieper in een zelfgekozen informatievacuüm zak. “Waarom vind je dat je iets moet doen met elke mail?” vroeg mijn man onlangs terecht. Als ik het wist, zou ik het zeggen.
“All you have to do is decide what to do with the time that is given to you” zei Gandalf in Lord Of The Rings. Onlangs zei een twintigjarige me dat ze nog nooit gehoord had van die films/boeken maar dat terzijde. Moeten we alle uren die we leven echt doorbrengen in het info- en opiniezwembad en zwoegen om kaf van koren te scheiden? Dan lees ik liever een boek. Ultiem vakwerk.
Dit artikel van de Bond Beter Leefmilieu legt uit waarom en hoeveel voedsel er nog altijd wordt verspild:
Het artikel maakt me ook boos en angstig maar dat zit in op een andere plek in het emotionele spectrum dan bij – letterlijk de eerste de beste krantenkop van het moment – “Voetbaldrama in Indonesië: zeker 174 doden bij rellen na match tussen aartsrivalen, kritiek op gebruik traangas”. Van voedselverspilling aankaarten wil de activist in mij werk maken, vandaar dat u dit nu kunt lezen. Het voetbaldrama verergert alleen maar mijn misantropie, die al ondraaglijk genoeg was, en laat me machteloos achter.
Onze vriendjes in Brussel gaan het zo te lezen niet kunnen oplossen. Zelfs al hebben ze goede wil, het is te complex, ik zou ook niet weten waar begonnen als ik in hun kalfsleren schoenen stond. Jij en ik die lokaal kopen, en onze buur en vriend en collega zover kunnen krijgen dat ze ook beginnen letten op het land van herkomst van de groenten en fruit in de rekken… Restjes opeten, niet te veel broodbeleg in een keer kopen, fruitsla of soep maken van al wat bijna slecht is geworden, kleinere hoeveelheden kopen (dat mag op de markt of in het voedselteam), enz.
Dat lijkt mij werkelijke systeemverandering.
Actieve Hoop
Steven Vromman, mijn ecoheld van het eerste uur, schraapt zijn krachten bijeen om een survivalgids voor klimaatrampen te schrijven. Hoe langer hoe meer van de groene bloggers die ik volg, laten al dan niet expliciet merken dat het wel heel moeilijk is geworden om de moed erin te houden.
Mensen die social media snappen, jongleren met hashtags als #toekomstbewustzijn #watisgenoeg #samens #totiedereenmeeis #25procentrevolutie #zebrabedrijven #betekeniseconomie #bewustzijnssamenleving #samensiswoordvanhetjaar. Ik reageerde op een bericht: Wij “consumentenactivisten” (term in 2019 eens tegengekomen) roepen al heel wat jaren in de woestijn. Pas sinds ik een eco-job heb gevonden, heb ik het gevoel dat ik actief een klein beetje tastbare impact kan helpen maken. Al die blogberichten, petities, discussies, enquêtes, veranderingen in koopgedrag, coöperatieve aandelen, vergaarde kennis, social media-statussen, webinars, burgerparticipatie-avonden, zwerfvuilopruimtochten, lidmaatschappen, giften, uitstootarm leven enz lijken onzichtbaar tegenover de heersende nieuwsbrij van ellende en wanhoop, en dat vind ik bij momenten nogal frustrerend om het zacht uit te drukken.
Hoog tijd voor “Actieve Hoop”!
Lees verder