Om eerlijk te zijn, ik heb het niet zo begrepen op die Kempische landschappen. Meestal vind ik ze behoorlijk monotoon. Maar na een verregende dag en met een paar getormenteerde wolkenformaties erboven krijgen ze wel karakter. Kijk maar naar deze Grote Klotteraard in het hart van het Turnhoutse Vennengebied. Ik had deze vennen deze zomer ontdekt, toen ik met de fiets langs het populaire Belse Lijntje (een oude spoorwegberm) van Turnhout naar Baarle-Hertog bolde. Nu was ik er terug om een wandeling te maken.
De wagen had ik achtergelaten op de parking van Klein-Engeland, een voormalige verblijfplaats van seizoenarbeiders, gelegen langs een drukke steenweg met dezelfde naam. Lokale organisaties hebben het complex samen met Natuurpunt omgetoverd tot een aangenaam café en bezoekerscentrum. Het is tevens het vertrekpunt van enkele keurig aangeduide wandelingen. Ik koos voor het 8 km lange Vennenpad in combinatie met de iets minder lange Hoge Heidewandeling.
De lezer weze gewaarschuwd: wie deze wandelingen doet, mag niet vies zijn van brede, rechte veldwegen. Zelf vind ik dat je die dingen beter met de fiets doet, omdat ze voor een wandelaar al snel gaan vervelen. Dat was nu iets minder waar, omdat grote delen onder water stonden, wat natte schoenen en sfeervolle kiekjes opleverde. Maar toch: in vergelijking met Averbode, waar Natuurpunt zich echt heeft uitgeput om allerlei smalle en sfeervolle paadjes aan te leggen door de voormalige Merodebossen, vallen de wandelingen hier redelijk uit de toon. Misschien heeft het te maken met het feit dat het allemaal nog wat “work in progress” is. Wat meteen ook kan verklaren waarom het feitelijke parcours van de Vennenwandeling niet geheel samenvalt met de aanduidingen op de vele infoborden .
In ieder geval heeft dit gebied potentieel. Het is intrinsiek mooier dan de omgeving van Averbode. Ik heb er ook alle begrip voor dat bepaalde delen tijdens het broedseizoen worden afgesloten voor het publiek. Niettemin: voor mij mag het allemaal een tikje avontuurlijker zijn.




























Volgens Trotter valt er in Garda niks te beleven. Dat is niet zo. Trotter dwaalt. Er is in Garda van alles te beleven. En dan heb ik het niet alleen over de heerlijke ijsjes in het winkeltje aan de Via Don Carlo Gnocchi, of de kiezelstranden, of de live muziek die ’s avonds wat sfeer brengt op de caféterrasjes, of de pedalo’s en motorbootje die je kan huren om een tochtje te maken op het water. Er is ook de Rocca, een flink uit de kluiten gewassen rots, die hoog oprijst boven de baai en Garda afscheidt van Bardolino en het platte, noordelijke deel van het meer. Ooit stond er een burcht op. De plaatselijke bevolking zocht er zijn heil in tijden van gevaar. Vandaag heeft de natuur zich terug meester gemaakt van de rots. Als er al iets ruist in het struikgewas, dan zijn het vrijende koppeltjes die hier de rust en eenzaamheid opzoeken. Of de vergezichten. Die zijn er grandioos. Van de renaissance-villa op de Punta Vigilio tot het schiereiland van Sirmione: je ziet het allemaal. Zelf hield ik aan de klimpartij in de blakende middagzon een bescheiden zonneslag over. Maar ik zeg u: de Rocca is het allemaal waard.

Wat er ook van zij, toen ik deze waterlelies zag in een plas langs de Nete had ik heel even het gevoel de schilder te begrijpen. Zelfs zonder bloemen hebben lelies iets magisch. Ronde schijven op het watervlak, de eenvoud zelve, maar in combinatie met het reflecterende licht creëren ze een betoverende wereld van steeds veranderende lichte kleurnuances. Wonderlijk en wie van dit wonder wil genieten kan – bij gebrek aan lelies in de eigen tuin- gewoon het door Natuupunt uitgestippelde Steenbeemdenpad te Kessel nemen: 6,5 km wandelplezier, desgewenst in te korten tot 4km, ideaal dus voor wie met kleine kinderen op stap is. Vertrekpunt is een oud badhuis, nu café, langs de Kleine Nete. Wie de hele wandeling volgt, gaat eerst over de brug van de weg Kessel-Emblem naar het eiland dat de Nete van het Netekanaal scheidt. Daarna volgt een heel gevarieerd stuk door moerassen, broeken, velden en bossen. Het is vanzelfsprekend niet het soort wandeling waarvoor u vanuit pakweg Bachten de Kupe naar de Kempen komt. Maar brengt u een bezoek aan Lier en wil u de natuur in de Netevallei wat beter leter kennen, dan is het zeker het overwegen waard. Net als de 
