Adriaan is 45 jaar. Hij groeide op in een gezin met vier jongens. Zijn vader was boekhouder, zijn moeder onderwijzeres.
Op school was Adriaan een eenling. Hij hield zich wat afzijdig van de drukte van de klas. Echte vrienden had hij niet. Wel genoot hij er van als hij zijn kennis kon delen met andere kinderen. Die kennis zat vooral op het terrein van aardrijkskunde en topografie. Wat Adriaan niet aanvoelde was wanneer hij zijn verhaal moest stoppen. Dat kinderen na een tijdje afhaakten was voor hem onbegrijpelijk: hij had toch een interessant verhaal?
Omdat Adriaan goed kon leren haalde hij zonder veel problemen het diploma van het voortgezet onderwijs. Ook op het VWO was hij een buitenbeentje. In die tijd begon hij achterdochtige ideeën te ontwikkelen. Hij hield vooral klasgenoten in de gaten en meende dat ze achter zijn rug om probeerden om hem belachelijk te maken. Ook viel hij op doordat hij geen passende reacties gaf op bepaalde omstandigheden. Zo kon hij heel hard lachen als een andere leerling een onvoldoende kreeg. Toen de moeder van een medeleerling was overleden leidde dat bericht ook tot een lachbui.
In de examenklas dacht hij dat medeleerlingen hem in een hinderlaag wilden lokken omdat ze jaloers waren op de uitstekende cijfers die hij zou halen op zijn eindexamen. Om die reden fietste hij om uit school, altijd alleen. maar zijn klasgenoten zouden ‘het’ wel zien als de rector een toespraak hield en hem lauwerde.
De cijfers vielen tegen en er kwam geen toespraak. Volgens hem had de examencommisie gefraudeerd. Adriaan ging economie studeren aan de Universiteit. De studie vond hij niet bijzonder interessant. Hij meende dat er iets belangrijkers voor hem in het verschiet lag. Het ging niet goed met Nederland en hij had dat als één van de weinigen door. Hij moest alleen nog een plan maken hoe Nederland gered kon worden.
Als student was hij lid geworden van een studentenvereniging. Maar hij bleef een buitenbeentje. Aan feesten deed hij niet mee, dat was niet nuttig. In die tijd kreeg hij een auto en een vriendin. Of dat met elkaar te maken had is onduidelijk. De relatie verliep stroef. Adriaan wilde steeds weten waar ze was (dat kon toen nog niet via de telefoon). Zijn vriendin vond zijn behoefte aan controle beklemmend. Toen ze een keer samen naar de duinen waren gereden ontstond er een knallende ruzie. Hij wilde haar niet meer naar huis rijden, ‘want ze had het verknald’. Daar kreeg hij later spijt van, maar voor zijn vriendin was het genoeg geweest: ze maakte het uit. Aan zijn ouders vertelde hij dat ze vreemd was gegaan met een medestudent en dat hij vond dat je in een relatie onvoorwaardelijk trouw aan elkaar moest zijn.
Als afgestudeerde kwam Adriaan moeilijk aan werk. Economen zijn niet altijd de meest contactuele mensen, maar binnen de economische sector viel Adriaan zelfs al in de eerste gesprekken op door zijn moeite met contact en het maar door blijven gaan op eigen stokpaardjes. Hij besloot om te solliciteren als taxichauffeur. Hij vond dat beneden zijn niveau, maar hij hoopte daarmee voldoende tijd te hebben om aan zijn plannen voor Nederland te werken. Er ontstonden problemen omdat hij aan zijn passagiers uitgebreid wilde vertellen wat zijn plannen waren en hoe hij Nederland van de ondergang kon redden. Het ontslag volgde echter pas nadat hij van de weg was geraakt omdat hij meende dat hij achtervolgd werd en te snel een bocht had genomen.
Ondertussen had Adriaan twee keer een relatie gehad met een kwetsbare vrouw. Beide keren meende hij dat hij deze vrouwen uit de problemen kon helpen. Het leek eerst te klikken totdat ook bij hen het gevoel ging overheersen dat hij hen teveel wilde controleren.
Ondertussen werkte Adriaan verder aan zijn plannen om Nederland van de ondergang te redden. Hij wist hij een paar goedwillende mensen om zich heen te verzamelen. Vervolgens wilde hij op een indrukwekkende locatie zijn plannen ontvouwen. In gedachten had hij een grote zaal voor ogen waarbij alle aanwezigen hem een staande ovatie zouden brengen. Met één van zijn ‘getrouwen’ besprak hij deze plannen, maar die persoon vond dat hij eerst maar eens klein moest beginnen, met een klein zaaltje. Dat pikte Adriaan niet: zelfs zijn trouwe volgeling erkende dus niet wat hij in zijn mars had. Het gevolg was een conflict, waarbij het kleine groepje mensen om hem heen vertrok.
Nu stond Adriaan er alleen voor. Hij wist zeker dat de vertrekkende mensen het kwaad vertegenwoordigden, anders hadden ze hem immers niet in de steek gelaten. Solliciteren deed hij niet meer, hij was vrijgesteld om Nederland te veranderen. Elke dag werkte hij aan zijn boek waarin de plannen ontvouwd zouden worden. Hij verwachtte dat de eerste druk heel snel uitverkocht zou worden en dat de uitgever hem dankbaar zou zijn. Helaas: zijn zoektocht naar een uitgever liep spaak. Sommige uitgevers reageerden niet eens, anderen bedankten hem vriendelijk maar gaven aan dat ze vonden dat de uitgave niet op hun pad lag.
Voor Adriaan was er wel een verklaring: die uitgevers waren óf omgekocht, óf in de ban van het kwaad. Ondertussen ontwikkelde hij steeds meer achterdochtige gedachten. De buren hadden het op hem voorzien en hij werd afgeluisterd. Als er mensen pratend onder zijn flat langs liepen wist hij het zeker: ze hadden het over hem. Boodschappen deed hij ’s morgens direct na de opening van de supermarkt. Vooral op de terugweg keek hij schichtig om zich heen: er was immers een aanslag op hem beraamd?
Wat is er met Adriaan aan de hand? Adriaan is iemand die gezien wil worden. Maar het is geen zien als gelijke: de mensen moeten tegen hem opkijken, hij is speciaal. Daar komen de betrekkingsideeën bij hem vandaan. De mensen hebben het daarom speciaal op hem gemunt. Opvallend is zijn daarbij van jongs af aan zijn solistische neigingen en het gebrek aan invoelingsvermogen.
Je zou kunnen denken aan trekken van autisme, maar ook aan depressief-narcistische kenmerken (de behoefte aan controle over anderen). Ondertussen lukken zijn banen niet, maar ook zijn relaties lopen vast.
Naarmate hij de grip op zijn omgeving verliest ontstaan er meer waandenkbeelden.
De ontwikkeling van Adriaan lijkt het passend met een schizotypische persoonlijkheidsstoornis. Daarbij wordt enerzijds vaak een verband gezien met autistische trekken, anderzijds met schizofrenie.










Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.